AI bespaart tijd, maar 85% van kenniswerkers krijgt juist méér werk

|Auteur: Redactie van QUASA|5 min. leestijd
AI bespaart tijd, maar 85% van kenniswerkers krijgt juist méér werk

Jabra publiceerde op 13 oktober 2026 WorkLife 2026: in de enquête onder ruim 6.000 kenniswerkers in zes landen meldde 85% dat minstens één soort werk in het voorafgaande jaar toenam. AI kan afzonderlijke taken versnellen, maar uit deze antwoorden blijkt geen algemene daling van de hoeveelheid werk.

Toluna voerde de enquête uit in opdracht van het Jabra Research Institute, onder werknemers in Frankrijk, Duitsland, India, Polen, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. Nederland en België maakten geen deel uit van de steekproef. Voor kenniswerkers en werkgevers hier ligt de vraag daarom bij de verdeling van het werk: wie krijgt de tijd die automatisering vrijmaakt, en welke nieuwe taken komen ervoor terug?

Ook administratie en routinewerk nemen toe

Jabra WorkLife 2026 vergelijkt hoeveel intensieve en lichte AI-gebruikers meer tijd besteden aan planning, creatief werk, administratie en routinewerk.

De groei zit niet uitsluitend in planning en creatief werk. In de uitsplitsing van IT Brief zegt 56% van de intensieve AI-gebruikers meer tijd aan strategische planning te besteden, tegenover 35% van de mensen die AI weinig of niet gebruiken. Voor creatief werk zijn die aandelen 56% en 30%. Het gaat telkens om het aandeel respondenten dat een toename meldt, niet om de omvang van die toename.

Ook bij administratieve en coördinerende taken is het verschil zichtbaar: 57% van de intensieve gebruikers meldt meer tijd in die categorie, tegenover 38% van de lichte gebruikers. Voor routinetaken is dat 45% tegenover 33%. Dat laatste is opmerkelijk omdat juist routinetaken vaak als bron van mogelijke tijdwinst worden genoemd. Een sneller afgeronde handeling kan samengaan met meer handelingen of extra controlewerk.

De antwoorden sluiten elkaar niet uit. Dezelfde werknemer kan meer tijd aan planning besteden en tegelijk meer administratie doen; omgekeerd zegt 35% van alle respondenten minder tijd aan minstens één soort werk te besteden. Die uitkomst past bij een verschuiving tussen taken, maar vertelt niet hoeveel uren iemand in totaal werkt. Ook toont de vergelijking tussen intensieve en lichte gebruikers geen oorzaak aan: mensen met omvangrijke of complexe functies kunnen juist vaker naar AI grijpen.

Een snellere taak kan meer overleg opleveren

Kenniswerkers stemmen werk met collega’s af nadat afzonderlijke taken sneller zijn afgerond.

Samenwerking groeit vooral bij mensen die AI vaak gebruiken. Van hen zegt 64% meer met collega’s samen te werken dan een jaar eerder, tegenover 25% van de lichte gebruikers. Over de hele steekproef meldt 42% meer samenwerking en 13% minder. De cijfers wijzen op een mogelijke bestemming voor een deel van de gewonnen tijd: een eerste versie kan sneller klaar zijn, terwijl beoordeling, afstemming en besluiten werk van meerdere mensen vragen.

Dat mechanisme is niet in minuten gemeten. Neem als voorwaardelijk voorbeeld iemand die een uur voorbereiding bespaart en daarna een uur besteedt aan het beoordelen van extra voorstellen. De individuele voorbereiding is sneller geworden, maar de agenda is even vol; als er nog een opdracht bijkomt, groeit het werk. Het voorbeeld verklaart hoe tijdwinst en taakgroei kunnen samengaan, zonder te beweren dat dit precies zo bij de respondenten gebeurde.

De enquête laat wel zien waar menselijke aandacht blijft zitten. Respondenten noemen gezamenlijk problemen oplossen en besluiten nemen als belangrijke bezigheden tijdens vergaderingen. Wanneer AI de productie van concepten versnelt, kan de hoeveelheid materiaal waarover een team moet beslissen toenemen. Of dat extra werk waarde oplevert, hangt af van de keuzes die een organisatie maakt over welke voorstellen verder worden uitgewerkt en wie ze beoordeelt.

Managers beïnvloeden het gebruik, maar het verband bewijst geen oorzaak

Jabra WorkLife 2026 laat een verschil in dagelijks AI-gebruik zien tussen medewerkers met en zonder een als AI-vaardig ervaren manager.

De leidinggevende is een belangrijk onderdeel van die keuzes. In het door Jabra geplaatste Nederlandstalige bericht zegt Jabra-president Calum MacDougall: “Pas als je begrijpt wat medewerkers nodig hebben, kan AI hun productiviteit daadwerkelijk versterken”. Zijn uitspraak gaat over ondersteuning door leidinggevenden; de enquête meet daarnaast hoe werknemers die ondersteuning ervaren.

Slechts 27% van de medewerkers zonder leidinggevende rol beoordeelt de directe manager als zeer of uiterst vaardig met AI. Onder werknemers die hun manager wel AI-vaardig vinden, gebruikt 65% dagelijks AI, tegenover 27% onder werknemers die dat niet vinden. Dit zijn groepen op basis van de beoordeling door medewerkers. Het verschil bewijst niet dat de vaardigheid van een manager op zichzelf meer AI-gebruik veroorzaakt, laat staan minder werkdruk.

De voorbereiding is eveneens ongelijk verdeeld. Van de medewerkers zonder leidinggevende verantwoordelijkheid kreeg 64% geen AI-training of alleen een korte introductie; bij topmanagers is dat 26%. Van degenen die training kregen, vond 39% van de eerste groep die zeer of uiterst relevant voor de eigen functie, tegenover 76% van de topmanagers. Dat verschil maakt een afspraak over taken belangrijker: werknemers moeten weten welke controles en beslissingen na automatisering bij hen terechtkomen.

Een bruikbare controlelijst voor die afspraak is kort. Welke bestaande handeling vervalt daadwerkelijk? Welke beoordeling, afstemming of extra productie ontstaat ervoor in de plaats, en wie krijgt dat werk? Ten slotte: wordt de vrijgekomen capaciteit gebruikt voor een nieuwe opdracht, een bestaande achterstand of een lagere belasting? Dit zijn keuzes voor teams en managers, geen uitkomsten die de enquête al voor hen heeft vastgesteld.

Wat de uitkomst betekent voor de werkdruk

De enquête beschrijft veranderingen zoals werknemers die zelf ervaren. Meer werk in een categorie betekent daardoor niet automatisch meer totale werktijd, meer stress of een langere werkdag. De studie registreert ook geen hoeveelheid bespaarde AI-minuten die rechtstreeks naast de toegevoegde taken kan worden gelegd. De scherpste conclusie is dat tijdwinst op taakniveau kennelijk geen garantie geeft op minder werkzaamheden.

De onderzochte landen geven werkgevers in Nederland en Vlaanderen evenmin een eigen landelijke maat voor de werkdruk. De verdelingsvraag is hier wel direct herkenbaar: als een sneller concept leidt tot meer concepten, extra beoordelingen en vaker overleg, moet iemand die vervolgstappen uitvoeren. Zonder besluit over welke taken verdwijnen, kan dezelfde tijdwinst vooral de ruimte worden voor nieuwe verwachtingen.

Lees ook:

Delen:

Abonneer je op onze nieuwsbrief

Ontvang het laatste nieuws over Web3, AI en crypto rechtstreeks in je inbox.

0